
Fokkerijbesluit
Het Fokkerijbesluit honden en katten is een regelgeving van de Vlaamse overheid die het welzijn, de gezondheid en de genetische diversiteit van honden en katten wil bevorderen. Het besluit verplicht erkende stamboekverenigingen om voor elk ras een goedgekeurd fokprogramma toe te passen, afgestemd op de specifieke gezondheids- en erfelijkheidskenmerken van dat ras.
De voorwaarden binnen deze fokprogramma's zijn gebaseerd op rasfiches, opgesteld door het project Breeding Healthy Pets (BHP), een samenwerking tussen UGent en KU Leuven, en goedgekeurd door Dierenwelzijn Vlaanderen.
Sinds de invoering van het Fokkerijbesluit worden stambomen voor honden en katten die in Vlaanderen geboren zijn uitsluitend afgeleverd door erkende stamboekverenigingen. De stamboom biedt de garantie dat de ouderdieren voldoen aan de voorwaarden van het goedgekeurde fokprogramma voor hun ras.

Stamboekvereniging
Sinds 1 juli 2025 is het Vlaamse Fokkerijbesluit van kracht. Een overzicht van alle door Dierenwelzijn Vlaanderen erkende stamboekverenigingen is terug te vinden op de website van de Vlaamse overheid. Zo kunnen fokkers steeds nagaan welke verenigingen bevoegd zijn voor het afleveren van stambomen en het uitvoeren van de goedgekeurde fokprogramma's.
Omdat de Koninklijke Maatschappij Sint-Hubertus (KMSH) in Brussel gevestigd is, kan zij geen Vlaamse stambomen uitgeven. Daarom werd, vanuit de KMSH, de Belgian Regional Canine Society (BRCS) opgericht en erkend als Vlaamse stamboekvereniging. Vlaamse fokkers kunnen hun nesten via deze organisatie aangeven. Een FCI-stamboom kan eenvoudig worden aangevraagd door deze optie aan te vinken bij de nestaangifte. De meerkost hiervoor bedraagt € 25.
Fokprogramma Boxer
De oorspronkelijke rasfiche voor de boxer sloot onvoldoende aan bij de Europese fokpraktijk. Sommige testen waren weinig relevant, andere te streng of net te zwak geformuleerd. In de praktijk dreigde dit Vlaamse fokkers te isoleren en extra kosten met zich mee te brengen.
De BBF heeft in 2025 intensief gewerkt aan een kritisch rapport met als doel het fokprogramma bij te sturen en beter af te stemmen op de Europese normen. Dit gebeurde in nauwe samenwerking met Johan Sioen en Michael Gaillez. Wij willen hen uitdrukkelijk bedanken voor de tijd en energie die zij hierin hebben geïnvesteerd. In het bijzonder danken wij Johan Sioen voor de vele uren overleg met Prof. Broeckx (UGent) en het grondig analyseren van wetenschappelijke literatuur ter onderbouwing van de argumentatie.

Fokprogramma Boxer – update maart 2026
Begin maart 2026 werd de aangepaste versie van het fokprogramma voor de boxer gepubliceerd op de websites van het Departement Omgeving – Dierenwelzijn Vlaanderen en Breeding Healthy Pets (BHP).
Zoals aangekondigd op de Algemene Vergadering van de BBF in februari 2026, werd op vraag van de BBF een belangrijke aanpassing doorgevoerd. Deze wijziging is het resultaat van aanhoudend overleg en constructieve input vanuit de BBF en haar partners.
De rasfiche en de daarin opgenomen testen blijven ongewijzigd ten opzichte van de versie van mei 2025. De aanpassing heeft specifiek betrekking op het fokadvies rond ARVC (een erfelijke hartaandoening).
Het aangepaste advies luidt als volgt:
"Jongere honden (jonger dan 3 jaar, ouder dan 1 jaar) mogen worden ingezet in de fok op voorwaarde dat het cardiologisch onderzoek (zie aangeboren hartaandoeningen) is uitgevoerd en er geen tekens van ARVC werden gezien. Voorafgaande regel geldt voor dieren in het binnen- en buitenland. Vanaf 3 jaar dient het onderzoek naar ARVC bij elke in Vlaanderen geregistreerde hond jaarlijks uitgevoerd te worden. Voor in het buitenland geregistreerde honden is er een uitzondering: deze dieren moeten niet vanaf 3 jaar opnieuw gescreend worden."
Concreet betekent dit:
-
Boxers tussen 1 en 3 jaar kunnen opnieuw met elkaar gecombineerd worden, op voorwaarde dat zij hartruis 0 en/of een (voorwaardelijk) gunstig echocardiografisch resultaat kunnen voorleggen. In de vorige versie moest minstens één van beide ouderdieren een gunstig resultaat na de leeftijd van 3 jaar hebben
-
Buitenlandse (niet-Vlaamse) reuen kunnen opnieuw ingezet worden zonder echocardiografie na de leeftijd van 3 jaar. Zij moeten enkel eenmalig hartruis 0 of een gunstig echocardiografisch resultaat vanaf 12 maanden kunnen voorleggen
-
De in de vorige fiche reeds opgenomen wijziging in de methode van ARVC screening – echocardiografie i.p.v. 24u Holter monitoring – blijft behouden.
Deze aanpassingen zorgen opnieuw voor meer werkbare en realistische fokmogelijkheden, zowel binnen Vlaanderen als in internationale context. De BBF heeft hier actief aan bijgedragen.
Op onze vraag om de verplichte auscultatie op 1 jaar en de opname van ARVC als screeningscriterium te vervangen door het gangbare Europese model — namelijk een verplichte hartscreening via Doppler-echocardiografie vanaf 12 maanden met evaluatie volgens de Europese normen — werd niet ingegaan. Deze voorstellen werden als te verregaand beschouwd, zonder verdere inhoudelijke onderbouwing.
De BBF blijft overtuigd van de waarde van dit Europese model en heeft opnieuw gevraagd naar de wetenschappelijke studies waarop het expertenpanel zich baseert, in het bijzonder met betrekking tot de relevantie van ARVC binnen de Vlaamse en Europese boxerpopulatie. Deze informatie werd tot op heden, ondanks herhaaldelijke vraag, nog niet ontvangen.
De BBF blijft dit dossier nauwgezet opvolgen en zal, waar nodig, bijkomende stappen ondernemen om te komen tot een beter afgestemd en wetenschappelijk onderbouwd fokbeleid. Zodra er verdere ontwikkelingen zijn, brengen wij u uiteraard onmiddellijk op de hoogte.
